Ramadan

Ramadan is de maand van het herdenken van armen en het vergroten van de discipline. Elk jaar opnieuw zijn de moslims een maand bezig met vasten. Dat betekent niet eten, drinken, roken en kauwgom kauwen enz. totdat de zon onder gaat. Toen ik jong was had ik er moeite mee, omdat al mijn vriendjes op de basisschool geen moslim waren. Toch deed mijn beste vriend op de basisschool (die Nederlands is opgevoed) elke jaar een weekje mee. Ik wist nooit zeker of hij mee deed aan de Ramadan omdat hij interesse in de Islam had., of omdat dan hij na zonsondergang heerlijk kon genieten van mijn moeder haar kookkunsten. Verder keek ik als kind uit naar het Suikerfeest. Op de laatste dag van de vastenmaand Ramadan gaat vrijwel iedere Moslim op de wereld naar een moskee voor het uitspreken van het feestgebed. Na het gebed omhelst iedereen elkaar en kan het feest beginnen. Kinderen kussen de hand van hun ouders en brengen die naar hun voorhoofd. Het feest duurt vaak meerdere dagen, want er wordt aan veel mensen gedacht zoals de buren, familie, vrienden, arme mensen en ook de dode mensen worden niet vergeten. Er wordt wel gezegd dat het motto van dit feest ‘zoet eten, zoet praten’ is. Deze dag is dan ook de gelegenheid om ruzie of conflicten van de afgelopen tijd uit of goed te praten.
Er mag weer overdag gegeten worden en dat wordt dan ook gedaan: het lekkerste en zoetste eten (baklava!) wordt op tafel gezet. Aangezien mijn beste vriend een weekje mee deed maakte hij ook natuurlijk daar gebruik van!