oudejaasavond 1943

OUDEJAARSAVOND 1943
Nog zie ik mij lopen, samen met mijn moeder van Berlikum naar Minnertsga, een wandeling van ruim 4 km. Het is oudejaarsavond 1943 en volle maan. Verder is er in de hele omgeving geen lichtje te zien. Elk huis moet verduisterd zijn en onder elke lantaarnpaal blijft het donker. Het heeft iets mysterieus. Wij kunnen niet begijpen dat de wereld in oorlog is, zo vredig stappen wij daar om de jaarwisseling te gaan vieren bij mijn oom en tante en mijn neef en nichtje. Mem en ik, samen gearmd, gaan voor de afwisseling twee stemmig zingen: “Door de bossen, door de heide, door het zomer dronkend land” en “Hoog op de gele wagen, rijd ik langs berg en dal”. Voor we er erg in hebben, komen we via Mooie Paal het dorp binnen. Mijn vader zal ons achterna komen op de fiets, die hij voor zijn werk mag houden. Maar eerst gaat hij nog naar de kerk, want hij is kerkenraadslid. Mijn moeder en ik gaan alvast vooruit om vóór 8 uur bij de familie te zijn. Ik heb er reuze zin in en mag voor het eerst opblijven tot 12 uur!
En….. wij zullen voor het eerst het Monopolyspel spelen, dat mijn neef op St. Nicolaas heeft gekregen . Geschikt voor zes personen en dat komt goed uit. Eigenlijk zijn we met z’n zevenen, maar mijn tante doet niet mee. Zij is er om de inwendige mens te verzorgen. En dat is niet mis op deze oudejaarsavond 1943. Zelfgemaakte bowl van perziken en pruimen, eigengemaakte cake, zelfs de hartigheid ontbreekt niet in deze schaarse tijd. Maar zij is dan ook een slagersdochter en trakteert op rookvlees en worst, zo ik mij nog herinner, terwijl de rode bietensalade niet ontbrak.
In het spel kun je al enigszins de karakters en talenten van de verschillende spelers inschatten. Oom is een beweeglijk persoon. Zelfs zijn gebit klappert af en toe op en neer en wanneer hij op z’n praatstoel zit knipperen zijn ogen voortdurend. Tegenwoordig zou je zeggen vanwege de stress. Hij gaat erg op in zijn bedrijf , maar is ook nog eens bij de vrijwillige brandweer en op de toneelclub. Mijn neef is ook een doe het zelver. Behendig worden de taken door hem verdeeld Hij weet precies welke straten het meeste opleveren en is vol vuur, wanneer hij er weer een paar heeft bemachtigd. Ik doe het voor het eerst maar vind het wel erg spannend. Hij wil winnen, dat voel ik. En hij wint, hij is mij de baas, maar we verschillen dan ook 5 jaar, en dat op een leeftijd van hij 16 en ik 11 jaar. Mij werden de stations aangesmeerd en daar word je niet rijk van. Mijn vader is bedachtzamer, zit meer te denken van: “ Zal ik kopen of niet”. Mijn moeder moet twee dingen tegelijk doen, meespelen en praten met tante zodat je van te voren al weet, dat zij niet zal winnen. Bovendien maakt zij zich om dit soort dingen nooit druk. Je zou niet zeggen, dat zij een zuster is van mijn oom. Mijn nichtje, twee jaar ouder dan ik, verdeelt haar aandacht tussen het spel en de moeders, want er moet haar niets ontgaan. Zo verloopt de avond in gezelligheid, terwijl de haard ons verwarmt.
Om twaalf uur roept iedereen: “Geen heil maar veel zegen en Gelukkig Nieuwjaar”, waarop mijn vader de traditionele woorden spreekt: “Dat het spoedig vrede mag worden “. Geen radio, geen vuurwerk toen en zelfs geen klokgelui, want niemand mocht na 8 uur ’s avonds nog naar buiten. Bovendien moesten de meeste klokken worden ingeleverd om omgesmolten te worden tot kogels.
Wij blijven slapen en dat was op zich al een spannende belevenis. Met veel geimproviseer krijgt ieder een slaapplaats. ’s Nachts horen we mijn vader het bed uit stommelen en even later gebraak met uithalen waarbij de lekkere bietensalade in de po belandt. Het is te veel voor die “arme” man, die niet veel meer gewend was.