mijn vader

Mijn vader werd in 1961 begraven op de Noorderbegraafplaats in Leeuwarden, 49 jaar oud, gestorven aan m.s. Onze moeder verhuisde toen al gauw met haar vijf jonge kinderen naar de randstad, waar ze vandaan kwam. Dat was voor ons een cultuurschok van jewelste. Geen doorlopers, maar kunstschaatsen, geen Goi, maar Hallo. We werden best ongelukkig daar met zijn allen op die plek in Heemstede. Maar terug konden we niet meer. Twaalf jaar later ging ik met mijn vriend in Friesland wonen en we stonden op de markt met sieraden, vrijdags op het Zaailand en zaterdags op Nieuwe Buren. Vaak ging ik even wandelen, naar onze oude buurt, of naar het graf van mijn vader. Om iets neer te leggen, even te praten, al had ik tijdens zijn leven niet eens veel tegen hem gezegd, omdat hij steeds zo ziek was. Misschien wilde ik het wel inhalen. 46 jaar na de dood van mijn vader stierf mijn moeder, 90 jaar oud, in Amsterdam. Maar ze werd bij mijn vader begraven. Eindelijk herenigd, hebben we op de nieuwe steen gezet, een hele mooie natuursteen. Van de kinderen ben ik de enige die is teruggekeerd naar Friesland. Nu woon ik ten noorden van Leeuwarden. Ik houd het tuintje bij wat het graf is geworden. Zo’n zes keer per jaar kijk ik hoe het ervoor staat en groet ik mijn ouders. Ik lees hun namen, hun jaartallen, hun plaats van geboorte en sterven. Zie, ik maak alle dingen nieuw, is de spreuk die van mijn vaders grafsteen is overgezet op de nieuwe steen. Bijna niet meer te zien door alle lavendel die ervoor staat. Als ik de straten doorrijd naar de begraafplaats – de Euterpestraat waar we vroeger schaatsten op de vaart en mijn vader de buurman instructies gaf om het ons te leren, omdat hij zelf niet eens kon lopen – dan denk ik dat ik dat hele grote verleden van ons gezin bewaar en onderhoud, dat ik ervoor zorg namens de anderen, de straten groet, de bekende huizen, mijn ouders. Ik weet niet of ze dat belangrijk vinden, we hebben het er nooit over.